Hoe het afliep met de Franse Koning!

Charles de Montesquieu: voorloper van de Franse Revolutie?

Marie Antoinette: decadentie ten top!

Het weer
Adel kans om onder de guillotine te komen: 75 %
17 oktober 1793 | EXTRA EDITIE: DE FRANSE REVOLUTIE | Gratis editie voor de hele klas!!!

De Franse Revolutie

De Franse Revolutie was een politieke omwenteling in het laatste decennium van de 18e eeuw waarbij de Franse monarchie werd vervangen door een republiek.
door Mijn Naam
De macht en de privileges van adel en geestelijkheid werden teruggedrongen ten gunste van de geletterde burgerij. De onderste bevolkingslaag werd er niet beter van.
Het Ancien Régime had zichzelf gedurende de 18e eeuw steeds verder uitgehold en implodeerde uiteindelijk tijdens verwoede pogingen alsnog, maar al lang te laat, hervormingen door te voeren. De voornaamste grieven van de verschillende standen waren:
Op sociaal gebied hadden de klassentegenstellingen zich zonder ophouden verscherpt. De burgerij verwierp de vele privileges van de adel en de hogere geestelijkheid; de boeren verzetten zich tegen de feodale rechten, tegen de tienden en andere heffingen ten voordele van de grootgrondbezitters. Anderzijds eisten vele geprivilegieerden in onbruik geraakte rechten terug.
Ondanks de economische groei van de 18de eeuw bleven bevoorradingscrises en de voortdurende stijging van de voedselprijzen het dagelijks leven van de gewone mensen domineren. Plattelanders (die 85% van de bevolking uitmaakten) noch de stedelijke ambachtslui en arbeiders zagen hun situatie verbeteren.
Ondertussen had een nieuwe filosofische stroming sinds het midden van de 18de eeuw Frankrijk veroverd. De Verlichting stelde de rationaliteit van de gedachte tegenover de autoriteit van de traditie. Uit de "ideeënstroom" die met deze beweging gepaard ging werd een gepopulariseerde 'revolutionaire' ideologie geboren. De overtuiging dat iets moest veranderen, drong tot steeds bredere kringen door.
werd een gepopulariseerde 'revolutionaire' ideologie geboren. De overtuiging dat iets moest veranderen, drong tot steeds bredere kringen door.
De ultieme aanleiding was het financiële bankroet van de Staat vanaf 1787. De opeenvolgende koninklijke ministers bedachten steeds krampachtiger oplossingen. Een fiscale hervorming die de tot dan vrijgestelde klassen - adel en geestelijkheid - zou doen bijdragen in de kosten van de Staat werd onrealiseerbaar geacht.

Directe aanleidingen:

door Monsieur X
De begroting was niet in evenwicht: De staat had 502 miljoen livres aan inkomsten en 630 miljoen livres aan uitgaven. Dit leidde tot grote schulden. Door de rentepercentages werden deze schulden bovendien steeds groter. De bevolking leed door deze financiële wantoestanden veel honger. Dit was de aanleiding tot een opstand. Een concreet voorbeeld is de hongersnood in 1788, waarbij de graanprijzen enorm stegen; vooral de toch al arme mensen (het merendeel van de derde stand) kregen het zwaar te verduren.

2. Absolutisme Veel mensen waren het niet eens met het absolutisme, dat gebaseerd was op het "Droit Divin" (goddelijk recht). De Koning werd gezalfd door God, en was uitsluitend aan God verantwoording schuldig. Ze vonden dat het volk ook mocht meedenken over de beslissingen. Velen vonden bijvoorbeeld dat de koning alleen een uitvoerende macht mocht hebben en dat volksvertegenwoordigers de wetgevende en rechtsprekende macht moesten hebben. Dat vond Charles Montesquieu bijvoorbeeld ook.
Prise de la Bastille
Jean-Pierre Louis Laurent Houel: De bestorming van de Bastille Er ontstaat - vooral bij de gewone bevolking van Parijs - wantrouwen ten opzichte van de koning en de aristocratie. Wanneer blijkt dat troepen rondom Parijs worden verzameld en bovendien de koning de populaire minister Necker heeft ontslagen, breken rellen uit. Het volk voelt zich niet langer gesteund door de burgerij en neemt de leiding van de gebeurtenissen in handen. Op 14 juli 1789 wordt de Bastille gevangenis
bestormd. Deze burcht was een teken van de macht van de koning en de revolutie ging er om dat de gewone patriciër evenveel rechten zou moeten hebben als de koning. De burcht was voor de burgers een teken van onderdrukking De opstand breidt zich uit naar het platteland waar de bevolking de eigendommen van de aristocratie aanvalt. De bestorming van de Bastille werd het belangrijkste symbool van de revolutionaire gebeurtenissen.

Einde van de monarchie:

door Monsieur X.
Op 14 januari 1793 veroordelen 387 afgevaardigden (tegen 334) Lodewijk XVI, nu gewoon "burger Louis Capet", tot de doodstraf. Op 21 januari valt zijn hoofd onder de guillotine. Zijn vrouw Marie Antoinette wordt op 16 oktober 1793 onthoofd.

Meer directe aanleidingen:

door Monsieur X.
3.Standen :
Veel mensen vonden dat de standen moesten verdwijnen. Alle mensen moesten gelijk zijn. Een boer moest gelijk zijn aan een edelman, want een edelman heeft geen grotere maag dan een boer. De meester heeft geen grotere en sterkere armen dan zijn knecht. Dus waarom zou hij meer waard zijn dan de armen? Mensen vonden het oneerlijk dat alleen de derde stand belasting moest betalen. Ze vonden het ook oneerlijk dat de derde stand 10% van het loon aan de kerk af moest staan. Ze vonden het oneerlijk dat alleen zij moesten betalen en dat zij eigenlijk amper rechten hadden. Boeren moesten bijvoorbeeld gratis een deel van hun tijd op het land van de edelman werken. Omdat zij belasting betaalden en loonheffing aan de kerk moesten geven wilde de derde stand ook mee kunnen praten en meebesturen in de regering.